11. nov, 2016

Voorkoppelen op papier en dan op het hok!

De duivers hebben hun eigen bakje gekozen en verdedigen het vurig wanneer er een andere duif, per ongeluk, even te dicht komt of een poging doet om in hun bak te vliegen!  De duivinnen zijn er ook klaar voor!  Ze kunnen voorgekoppeld worden.  Hun vederkleedje is mooi volledig en glanst in de zon.  De tarwekiemolie heeft zijn werk gedaan: ronken,ronddraaien, glanzende veertjes en hevige duiven.  Ik heb de olie maar tijdens 1 van de 2 voederbeurten per dag gegeven.   Ik wil niet dat de duiven té zwaar worden.  Het voorkoppelen, daar ben ik toch ook even mee bezig: op papier de bakken schetsen en dan de koppeltjes samenstellen, terug doorstrepen en terug opnieuw!  De koppels waar goede jongen uitkomen (o.a. 7de nationaal Argenton) die zet ik terug samen, maar de rest wordt dit jaar door mekaar geschud: een paar goede vliegduivinnen van 2014 die het kweekhok vervoegen, zullen dus voor de eerste keer een nestje grootbrengen als ‘kweekduif’. Het licht zal binnenkort ook gaan branden bij de kwekers. Het samenzetten van de koppeltjes heb ik dit jaar heel georganiseerd gedaan: met mijn papiertje in de hand en dan de duiven vastnemen en ‘passen’ of duiver en duivin wel een goede match kunnen zijn. Ik heb ook niet graag koppels die té veel verschillen van model: een vrij diepe duif met een ‘bolleke’, zo noem  ik dat dan, daar ben ik geen voorstander van.  En voor de rest zal de factor ‘geluk’ van groot belang zijn!  De dagen erna dan ben ik nooit ver uit de buurt van het hok.  Een hele dag afwisselend koppel per koppel loslaten.  Er kruipt veel tijd in, maar dat gaat het koppelen zelf een stuk vergemakkelijken! ’s Avonds in het donker heb ik ze bij mekaar gelaten en ze hebben tot laat in de avond zitten ronken in hun bakken!  De meeste duivers lagen tegen de ochtend samen met hun duivin in de nestschotel, behalve één moeilijk geval. Deze duiver wil niet van zijn duivin weten…ik heb ze terug even apart moeten zetten.

Ik had aan mijn vader gevraagd of hij de kartonnen ‘dozen van Pandora’ wou namaken maar nu in hout.  Na wat meten en passen zal hij het ‘ideale bakje’ maken, een winterwerkje want er moeten er meer dan 40 worden gemaakt! Deze bakjes zullen dienen om de jonge duiven in aan te paren.  Zo’n ‘verstopbakje’ kan toch wonderen doen.  Op het kweekhok heb ik er een paar geïnstalleerd en ja hoor, ze vinden het geweldig om er samen in te kruipen!  Hopelijk krijg ik die ‘moeilijke’ duiver zo toch aangepaard. Het donkere weer van de laatste dagen is niet ideaal om te koppelen, maar het kan de duiven toch  niet tegenhouden. Een vers pak stro en nestmatjes staan ook al klaar.  De duiven en ik, we zijn er klaar voor!

Moet er nog hokwit zijn?!

De hokken zijn binnenin ondertussen terug met hokverf geschilderd!  Wel netjes maar als daar zo de eerste ‘duivenmest’ opvalt … goh, toch zonde hè!  De hokverf ziet er niet alleen netjes uit maar geeft ook een frisse, zuivere geur op het hok.  De weduwnaarsbakken op het nieuwe hok had ik in het begin niet geschilderd, maar we hebben dat nu toch gedaan.  Het hok ziet er toch een heel pak ‘lichter’ uit, dat kan zeker niet slecht zijn. Het is een vrij diep hok (2.5 m) en alle lichtinval is welkom. 

Tot slot, een vriendin van mij stuurde me onlangs een sms’je en vroeg ‘hey, wat ben je aan het doen’… als ik dan zo wat uitleg van: hokken opfrissen, voorkoppelen en koppeltjes één per één loslaten,… dan stuurde ze ‘goh, duivenmelker zijn is precies niet simpel en véél werk’.  Wel, het is zo, maar als melker noem je dat geen ‘werk’ maar ben je graag bezig met je hobby.  Je kunt daar niet aan ‘tellen’ hoeveel tijd je daaraan besteed, dan zou het geen hobby meer zijn maar een last en dan zou je er ook niet meer van kunnen genieten!

We melken nog lang en gelukkig!

Esther

www.esthervereecke.be

esthers-blog@hotmail.com